„zwart“: bijvoeglijk naamwoord zwartbijvoeglijk naamwoord | Adjektiv adj Vista general de todas las traducciones (Para obtener más detalles de la traducción, hacer clic/pulsar) schwarz schwarz zwart ook | aucha. figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig zwart ook | aucha. figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig ejemplos zwarte markt Schwarzmarktmannelijk | Maskulinum, männlich m zwarte markt zwart werkonzijdig | Neutrum, sächlich n Schwarzarbeitvrouwelijk | Femininum, weiblich f zwart werkonzijdig | Neutrum, sächlich n het Zwarte Woud der Schwarzwald het Zwarte Woud de Zwarte Zee das Schwarze Meer de Zwarte Zee alles zwart (in)zien figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig immer schwarzsehen figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig alles zwart (in)zien figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig zwart maken ook | aucha. figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig anschwärzen schwärzenook | auch a. figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig zwart maken ook | aucha. figuurlijk | figurativ, in übertragenem Sinnfig zwart werken schwarzarbeiten zwart werken het zwart op wit hebben es schwarz auf weiß haben het zwart op wit hebben het zwarte schaap van de familie zijn das schwarze Schaf der Familie sein het zwarte schaap van de familie zijn ocultar ejemplosmostrar más ejemplos „zwart“: onzijdig zwartonzijdig | Neutrum, sächlich n Vista general de todas las traducciones (Para obtener más detalles de la traducción, hacer clic/pulsar) Schwarz, Schwärze Schwarzonzijdig | Neutrum, sächlich n zwart zwart Schwärzevrouwelijk | Femininum, weiblich f zwart zwart